Let eens op het woord noodzakelijk.
Het komt opvallend vaak voor wanneer belangrijke besluiten worden uitgelegd.
Een hervorming is noodzakelijk.
Samenwerking is noodzakelijk.
Bezuinigingen zijn noodzakelijk.
Investeringen zijn noodzakelijk.
Nieuwe regelgeving is noodzakelijk.
Soms klopt dat natuurlijk. Een dijk repareren voordat hij doorbreekt is niet bepaald een vrijblijvende beleidsoptie.
Maar het woord doet iets interessants met een discussie. Zodra iets noodzakelijk is, verandert een keuze in een omstandigheid.
Niemand heeft het gewild. Het moest.
Vanwege de markt.
Vanwege wetgeving.
Vanwege internationale afspraken.
Vanwege deskundigen.
Vanwege ontwikkelingen die nu eenmaal plaatsvinden.
En daarmee verdwijnt ongemerkt degene die kiest.
Dat is jammer, want politiek, bestuur en ondernemerschap bestaan juist uit keuzes tussen mogelijkheden die allemaal voor- en nadelen hebben.
Wie kiest, moet kunnen zeggen:
dit vinden wij belangrijker dan dat.
Deze groep krijgt voordeel.
Die groep draagt kosten.
Dit risico accepteren we.
Dat offer vinden we verantwoord.
Dat gesprek is ongemakkelijk. Het woord noodzakelijk maakt het comfortabeler.
Er lijkt geen alternatief meer te bestaan.
Misschien zouden we daarom iedere keer wanneer iemand zegt:
“Dit is noodzakelijk”
vriendelijk een vervolgvraag moeten stellen:
Wat zou er gebeuren als we het niet deden?
En daarna:
welke andere mogelijkheden zijn onderzocht?
Niet omdat noodzakelijkheid nooit bestaat. Maar omdat een democratisch of bestuurlijk gesprek pas interessant wordt zodra er meer dan één mogelijkheid op tafel ligt.
Anders hoeven we eigenlijk niet te vergaderen.
Dan kunnen we alleen nog uitvoeren.