Zand in de machine


Aan het begin van de Industriële Revolutie gooiden wevers zand in de machines.
Niet uit domheid. Niet uit haat tegen vooruitgang.
Maar uit angst.

Angst voor verlies van werk, vakmanschap, status en bestaanszekerheid. De machine maakte in één klap waardeloos wat generaties lang was opgebouwd. De hand die het ambacht beheerste, werd vervangen door een rad dat geen herinneringen had.

De wevers verloren. Niet omdat ze ongelijk hadden in hun angst, maar omdat technologische dynamiek zich niet laat terugduwen. Je kunt haar vertragen, beschadigen, frustreren. Maar niet stoppen.

Twee eeuwen later staan we opnieuw bij zo’n kantelpunt. Alleen gooien we geen zand meer in machines.

De nieuwe sabotage
De tegenstanders van AI gedragen zich zelden als saboteurs. Ze presenteren zich als hoeders van menselijkheid, ethiek en waarden. Maar wie beter kijkt, ziet dat de weerstand tegen AI opvallend veel lijkt op die van toen.

Alleen de middelen zijn verfijnder.

We saboteren AI vandaag niet fysiek, maar institutioneel. Niet met geweld, maar met woorden, regels en morele claims.

De moderne vormen van zandstrooien zijn herkenbaar.

Overregulering
AI wordt niet verboden, maar verstrikt in procedures, kaders en verantwoordingslagen. Pilots volgen pilots, maar opschaling blijft uit. Niet omdat het niet kan, maar omdat niemand het durft.

Morele de-legitimatie
AI wordt geframed als kil, onmenselijk, discriminerend of gevaarlijk. Soms terecht, vaak selectief. Menselijke fouten worden vergeven. AI-fouten worden uitvergroot tot systeemfalen.

Passieve weerstand
Op de werkvloer wordt AI verkeerd gebruikt, genegeerd of bewust ondermijnd. Slechte input leidt tot slechte output, waarna men concludeert dat “het niet werkt”. De cirkel is rond.

Romantisering van het oude
Het ambacht, de professional, de intuïtie. Alsof technologie en menselijkheid elkaar uitsluiten. Alsof vooruitgang per definitie ontzieling betekent.

Dit alles oogt nobel. Maar zelden is het neutraal.

Waar het werkelijk over gaat
Net als toen gaat het niet over techniek, maar over positie.

AI bedreigt geen arbeid in abstracte zin. AI bedreigt rollen die bestaan bij de gratie van schaarste, routine en informatievoorsprong. Functies waarin ervaring vooral bestond uit weten hoe het altijd ging.

Dat maakt de weerstand zo fel. Want wie zijn waarde ontleent aan herhaalbaarheid, voelt zich existentieel geraakt door een systeem dat juist daarin excelleert.

De morele bezwaren zijn vaak echt. Maar ze zijn zelden het hele verhaal.

De ongemakkelijke waarheid
De Luddieten waren geen domme mensen. Ze zagen terecht dat zij de prijs zouden betalen voor een systeemverandering waar zij geen controle over hadden.

Dat geldt ook nu. Technologische transities hebben verliezers. Dat is geen cynisme, dat is geschiedenis.

Maar wie technologie probeert te stoppen in plaats van haar te leren beheersen, betaalt uiteindelijk een hogere prijs. Niet individueel, maar collectief.

Samenlevingen die innovatie vertragen om bestaande structuren te beschermen, verliezen hun dynamiek. En dynamiek is geen luxe. Het is een overlevingsvoorwaarde.

De keuze
We kunnen AI blijven framen als moreel probleem.
We kunnen haar vertragen met regels en rituelen.
We kunnen doen alsof stilstand bescherming biedt.

Of we kunnen erkennen wat hier werkelijk speelt: een verschuiving van waarde, macht en betekenis. En ons daartoe verhouden, volwassen en zonder schijnheiligheid.

De wevers gooiden zand in de machine.
Wij strooien zand in systemen, wetten en verhalen.

De uitkomst zal dezelfde zijn.

De vraag is alleen:
leren we deze keer sneller wie we moeten worden,
of wachten we tot de machine ook zonder ons draait?