Alles van waarde is kwetsbaar – Een beschouwing over zingeving


Alles van waarde, dat wat ertoe doet, is fragiel. Kwetsbaar. Het is een inzicht dat zich niet laat afdwingen, maar langzaam indaalt. Zoals dauw op een herfstblad. Je komt het tegen als het stil is in jezelf. Of wanneer je geraakt wordt door iets wat je niet met je verstand kunt verklaren.

Wat werkelijk betekenis geeft aan het leven – liefde, vertrouwen, verbondenheid, hoop – komt nooit in beton gegoten. Het is breekbaar als porselein, vluchtig als muziek, en juist daarom van onschatbare waarde.

We leven in een wereld die zekerheid aanbidt. We meten, regelen, plannen. We doen alsof alles beheersbaar is. Maar zingeving ontsnapt aan die controle. Zij laat zich niet vangen in KPI’s of verzekeringspolissen. Ze openbaart zich niet in antwoorden, maar in de moed om de vragen toe te laten.

Wat geeft mijn leven betekenis?
Waarom ben ik hier?
Wat doet ertoe als alles wegvalt?

Zingeving begint misschien wel op het moment dat je durft te leven met het mysterie.
Als je ophoudt met het najagen van sluitende verklaringen, en in plaats daarvan de ruimte toelaat waarin niet alles te begrijpen valt.

Het mysterie is niet je vijand. Het is geen leegte die gevuld moet worden, geen puzzel die opgelost moet. Het is het domein van het zijn, niet van het begrijpen. En precies daar, in die ruimte tussen weten en niet-weten, ontstaat betekenis.

We zijn gewend om het leven te benaderen als iets wat geduid, gemeten en verklaard moet worden. Maar wat als het leven zelf een vraag is, in plaats van een antwoord? Wat als het mysterie niet opgelost wil worden, maar gedeeld?

Leven met het mysterie betekent dat je leert vertrouwen op iets wat dieper gaat dan logica. Het vraagt overgave – niet als opgave, maar als thuiskomen. Je stelt je open voor verwondering. Voor het fluisteren van het onuitgesprokene. Voor het gevoel dat je deel bent van iets groters, zonder dat je precies weet wat.

Misschien is dát wel waar zingeving begint:
In de stilte waarin je niets hoeft te verklaren.
In het luisteren zonder te oordelen.
In de ontmoeting waarin je je klein mag voelen, zonder minder te zijn.

Wie leeft met het mysterie, leeft niet zonder richting, maar juist met een diepere oriëntatie. Een innerlijk kompas dat je niet exact kunt aanwijzen, maar waarvan je voelt: hier klopt het. Hier mag ik zijn. Hier heeft het leven zin, zonder dat ik precies kan uitleggen waarom.

En het is vaak in de kwetsbaarheid van anderen dat we het zelf gaan voelen. In een hand die nog één keer terug knijpt. In de stilte van een sterfbed. In de traan van iemand die zegt: “Ik ben bang.”

Zingeving ontstaat daar waar je geraakt durft te worden. Waar je jezelf toestaat niet alles te weten, maar wel alles te voelen.

Misschien is dat de essentie. Niet dat we ons leven vullen met zekerheden, maar dat we het durven doorleven met open ogen, en een open hart.

Want alles van waarde is kwetsbaar.
En juist dat maakt het heilig.