Soms leeft een liefde juist omdat ze nooit geleefd kon worden


Stel je voor: een leraar en zijn leerlinge, Parijs, 12e eeuw. Hun gesprekken worden fluisteringen, hun lessen veranderen in kussen. Alles wat verboden is, gloeit het felst. Hij is de grootste denker van zijn tijd: Pierre Abélard, filosoof en theoloog. Zij is een uitzonderlijk begaafde jonge vrouw: Héloïse, belezen in Latijn, Grieks en theologie. Hun ontmoeting wordt een vonk die uitgroeit tot een vuur dat niet meer te doven is.

Het noodlot
Hun liefde blijft niet verborgen. Héloïse raakt zwanger en brengt een zoon ter wereld: Astrolabe. Om schande te vermijden trouwen ze in het geheim. Maar geheimen zijn broos, zeker in een tijd waarin eer en reputatie alles betekenen. Héloïse vreest dat hun huwelijk Abélards carrière zal verwoesten. Haar oom Fulbert voelt zich vernederd en grijpt naar de hardste wraak: Abélard wordt op brute wijze gecastreerd.

Wat rest, is afzondering. Abélard trekt zich terug als monnik in het klooster van Saint-Denis. Héloïse wordt, op zijn aandringen, non in Argenteuil. Wat een liefdesgeschiedenis leek, eindigt in afgesneden levens en verloren dromen.

De echo in brieven
Maar juist daar begint hun verhaal echt. Want hun briefwisseling is misschien wel intenser dan hun nachten ooit waren.

Héloïse schrijft met hartstocht: ze weigert te doen alsof ze hem vergeten kan. Ze noemt hun liefde haar waarheid, groter dan geloof en plicht. Ze bekent, bijna godslasterlijk: “Ik heb jou lief, zelfs meer dan God.” Haar woorden zijn aanklacht én lofzang, kwetsbaar en ontembaar tegelijk.

Abélard antwoordt met rede en geloof: hij hamert op boete, berusting en de weg naar God. Voor hem moet hun liefde worden gezuiverd, gelouterd tot geestelijke verbondenheid. En toch verraden zijn woorden dat ook bij hem het vuur nooit helemaal dooft.

Hun brieven zijn een botsing van werelden:
passie versus plicht – liefde versus geloof – vlees versus geest

Juist die spanning maakt hun correspondentie episch. Héloïse weigert zich neer te leggen bij een leven van enkel berouw, terwijl Abélard wanhopig probeert de rede te verzoenen met een verlangen dat nooit sterft.

De spiegel naar nu
Waarom raakt dit verhaal ons nog altijd zo diep? Misschien omdat we allemaal weten dat liefde sterker kan zijn dan regels. Misschien omdat ieder van ons ooit een verlangen heeft gekend dat niet mocht – of niet kon.

Een onmogelijke liefde is geniaal omdat ze ons laat voelen dat sommige dingen groter zijn dan onszelf. En omdat ze ons herinnert dat verlangen vaak het hevigst brandt waar het verboden is.

Slot
Soms is een liefde juist onsterfelijk omdat zij nooit kon worden geleefd.

En in die zin is de briefwisseling van Abélard en Héloïse niet alleen middeleeuwse geschiedenis, maar een spiegel waarin wij onze eigen harten zien kloppen.

Citaat uit één van de brieven van Héloïse:
“De naam van minnares in plaats van vrouw zou mij liever en eerbiedwaardiger zijn; liefdesgave is edeler als ze vrijwillig wordt geschonken, niet opgelegd door de banden van het huwelijk.”

En een uit de brieven van Abélard:
“Wat ik heb verloren, kan geen mens mij teruggeven: de vrijheid van mijn geest en de rust van mijn hart zijn voorgoed verdwenen.”