Hoe een ochtend zonder cafeïne leidde tot een inzicht over vrijheid.
Ik dacht ooit dat ik een vrij mens was. Dat mijn gedachten als een vogel door de lucht zweefden, grenzeloos en ongebonden. Tot ik op een ochtend ontdekte dat mijn vrijheid vooral bestond uit de vaste route naar de koffiezetter en de illusie dat ik écht zelf nadacht.
Het begon allemaal met een defecte espressomachine. Je weet wel, zo’n robuust ding dat je ooit kocht met de gedachte: Hier ga ik jaren plezier van hebben! Nou, dat was een leugen. Op een cruciale maandagochtend – het soort ochtend waarop je hersenen trager opstarten dan een oude Windows 95 – weigerde het ding dienst. Geen koffie. Geen opstartgeluiden. Niets.
Wat doe je dan? Juist, je gaat nadenken. Maar hier kwam het probleem: ik kon niet buiten mijn eigen denken denken. Alles wat ik wist, had ervaren of voelde, zat al in dat hoofd van mij. Dus in plaats van een rationele oplossing te bedenken (zoals een reparatie overwegen of een ouderwetse filterkoffie zetten), bleef mijn brein hangen in de automatische reactie: Waarom overkomt mij dit?!
Dat is het vreemde met ons denken. We geloven dat we flexibel en ruimdenkend zijn, maar eigenlijk herhalen we vooral de patronen die we al kennen. Onze wereld ontstaat uit ontmoetingen – met mensen, boeken, ideeën. En binnen die kaders bewegen we. We kunnen onze horizon verbreden, maar volledig loskomen van wat we al weten? Dat is een ander verhaal.
Toch is er hoop. Elke verandering, elke frisse gedachte begint bij een ontmoeting. Soms is dat een inspirerend gesprek, een nieuw boek, of – in mijn geval – een confronterende ochtend zonder cafeïne. Het moment waarop je even stilvalt en denkt: Waarom reageer ik zoals ik reageer? Waarom zie ik alleen problemen en geen oplossingen?
Misschien is dat wel het begin van werkelijke vrijheid: je eigen gedachten durven bevragen. Niet blind geloven wat je altijd hebt gedacht, maar ruimte maken voor nieuwe perspectieven. En rouwen om wat je niet hebt? Dat is meestal niet meer dan een beetje uitvergroot zelfmedelijden.
Dus die ochtend – zonder koffie, zonder troost – besloot ik het anders te doen. Ik liep naar de keuken, zette een pan water op en maakte ouderwets oploskoffie. Het smaakte nergens naar, maar het leerde me iets: soms zit vrijheid niet in de dingen die je hebt, maar in het vermogen om een andere weg te kiezen. Zelfs als dat betekent dat je even een beroerde kop koffie moet doorstaan.
Echte vrijheid is durven denken buiten je eigen gedachten.
PS: Of dit nou echt gebeurde of slechts een hardnekkige illusie was op 1 april? Ach, dat laat ik aan jou. Wat wel waar is: oploskoffie blijft troosteloos.