De biechtstoel van de toekomst – over koekjes en soevereiniteit


Ik was een jaar of tien en ik liep in een sliert van school naar de zijbeuk van de kerk. Elke vrijdagmiddag was het raak. We moesten biechten. Maar ik was toen al niet van plan om de man achter het gaas, die schimmige dienaar van God, zomaar mijn binnenwereld cadeau te geven.

Dus ik verzon een zonde. Een gestolen koekje.

Terwijl we thuis niet eens koekjes hadden; daar waren we toen veel te arm voor. Ik prevelde mijn verzonnen schuld, incasseerde de Onze Vaders en Weesgegroetjes, en liep de kerk uit met mijn eigenlijke gedachten nog stevig in eigen beheer. Ik biechtte wel, maar ik leverde mij niet uit.

Het recht op een binnenwereld

Die kleine rebellie in de biechtstoel is me altijd bijgebleven als een oefening in innerlijke soevereiniteit. Want wie de macht heeft om jouw waarheid op te eisen, heeft de macht over jouw bestaan. Vroeger was dat de kerk, tegenwoordig zijn het de algoritmes en de nieuwe morele kaders van de ‘machtsgremia’.

Of je nu kijkt naar de roep om absolute transparantie of de druk om te ‘deugen’ in het publieke debat: de eis is hetzelfde. Lever je binnenwereld in voor een geruststellend, collectief verhaal. Doe mee, of lig eruit.

Ik schrijf, dus ik besta

Tegenover die druk zet ik het schrijven. Voor mij is het simpel: ik schrijf, dus ik besta. Niet omdat ik de wereld wil overtuigen van mijn gelijk, maar omdat het vastleggen van gedachten een manier is om een spoor na te laten.

Ik draag een naam die al eeuwen onderweg is. Een naam die ooit begon in de modder van de Duffelt en via aktes en oude schulden bij mij is terechtgekomen. Door die geschiedenis te kennen en op te schrijven, geef ik mijn voorouders – en daarmee mijzelf – een plek in de tijd die niet zomaar weg te poetsen is. Het is een anker in een wereld die steeds vluchtiger wordt. De biechtstoel is niet verdwenen; hij heeft alleen een ander interieur gekregen. Waar vroeger de priester luisterde achter gaas, luisteren nu systemen mee achter schermen.

De blinde vlek van de macht

AI wordt door veel bestuurders nog altijd behandeld als een handig hulpmiddel voor efficiëntie, terwijl het in werkelijkheid een systeemkracht is die arbeid, kennis, macht en mensbeeld opnieuw ordent.

We staan aan de vooravond van de volgende Industriële Revolutie. Net zoals de stoommachine en elektriciteit de wereld fundamenteel herschikten, zal AI elk aspect van ons mens-zijn raken.

De machthebbers van nu zijn net zo blind als die van 260 jaar geleden. Ze discussiëren over de randverschijnselen terwijl de fundamenten verschuiven. En opnieuw wordt de mens gevraagd zich aan te passen, transparant te zijn, zich te voegen naar het systeem.

De duisternis in

Wie het licht wil dragen, moet de duisternis durven ingaan. Voor mij betekent dat: blijven herkennen waar macht zich vermomt als waarheid. Of die macht nu achter een kerkelijk gaasje zit of verscholen gaat in een algoritme.

Mijn soevereiniteit zit in het witte papier. In het weigeren om mijn diepste drijfveren uit te leveren aan de waan van de dag. Ik schrijf mijn eigen geschiedenis, die van mijn voorvaderen en die van de wereld om mij heen. Zo blijf ik overeind.

Zonder spijt, en nog steeds zonder dat gestolen koekje.